Het internet als stad. Websites als wijken. Pagina’s als bewoners. Ongeveer die metafoor lag ten grondslag aan GeoCities, een virtuele stad waarin de internetters van de jaren negentig gratis een webpagina konden bouwen. Het was de tijd dat het werkwoord ‘computeren’ nog niet naar nostalgische diepten was afgegleden. En tevens die waarin een nieuw tijdperk begon: dat van digitale dataverzameling. Online informatie bereikt ons snel, gejaagd en is in grote getale aanwezig – constant. Hoe bewaren we die enorme hoeveelheid data voor de toekomst?

Deleted City

Door ze visueel te maken, luidt het antwoord van informatieontwerper Richard Vijgen tijdens de eerste Tegenlicht Meet Up van dit najaar. Zelf geeft hij het goede voorbeeld. Na de virtuele ondergang van GeoCities in 2009 vertaalde Vijgen het databestand dat de verdwenen stad naliet – zo’n 640 gigabyte – in een interactieve visualisatie waarin het gehele ‘stadsarchief’ terug te vinden is. Waarom? Om big data te vertalen naar iets concreets en betekenisvols. ‘Pas dan kun je een discussie voeren over welke data relevant zijn om te bewaren en welke niet.’

Selectie

Zo’n discussie begint en eindigt met selecteren en dat is lastig. We hebben het hier niet over zondagmiddagklusjes als je vakantiefoto’s uitzoeken of de zolder opruimen, nee: het gaat om het aanleggen van een dataverzameling voor de toekomst. Een verzameling die overigens lang niet alleen maar digitaal is: al eeuwen voordat de eerste inwoners van GeoCities hun digitale huiskamer inrichtten, werd kennis voortdurend verzameld, opgeslagen en doorgegeven.

Niet dat die zorgvuldige overlevering een garantie is voor het eeuwige leven. Dat blijkt wel uit de honderdduizenden documenten van het Tropeninstituut die vorig jaar door de bibliotheek van Alexandrië slechts ternauwernood van de versnipperaar konden worden gered. Een ‘symptoom van een tijdgeest die alleen maar vooruitkijkt en de middelen om terug te kijken aan het afschaffen is’, aldus Bregtje van der Haak, regisseur van Tegenlicht.

Romeins beton

De data van toen zijn de kennis van nu. Net zoals de data van nu de kennis van toekomstige generaties moeten verrijken. Niet alleen om hen te laten weten hoe ons leven eruitziet en in welke sociale netwerken – online én offline – we actief zijn, maar ook om onze kennis van bijvoorbeeld wetenschap en techniek aan hen over te dragen. Zodat de burgers van de toekomst niet opnieuw het wiel hoeven uit te vinden. En zodat nieuwsberichten zoals dat van vorig jaar, toen onderzoekers concludeerden dat de Romeinen sterker en duurzamer beton maakten dan wij nu, overbodig zijn.

Pioniers

Gelukkig zijn datapioniers wereldwijd druk bezig met het digitaliseren van ons papieren erfgoed – in Nederland werkt de KB daarin bijvoorbeeld samen met Google – en met het blijven back-uppen van de almaar groeiende digitale datastroom – The Internet Archive in San Fransisco is een sprekend voorbeeld.

En voor wie nu al terugverlangt naar de digitale jaren negentig, toen ‘computeren’ nog een werkwoord was en je online nog geen onderdeel was van een sociaal maar een ‘stedelijk’ netwerk: de ‘GeoCities-izer’ biedt uitkomst. Just to make any webpage look like it was made by a 13 year-old In 1996.

Eerder verschenen op de (oude) website van Pakhuis de Zwijger.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Categorie

Tegenlicht Meet Up

Tags

, , , , ,